Niet alleen wat u zegt is belangrijk, ook hoe u iets zegt. Samen met de manier waarop u erbij zit, bepaalt dit hoe u wordt beoordeeld.
Tips
- Stel u voor met een stevige handdruk
- Kijk de persoon waarmee u een gesprek voert aan. Als u met meerdere personen een gesprek heeft, kijk dan iedereen regelmatig aan
- Neem een gemakkelijke houding aan: niet onderuit gezakt, maar ook niet op het puntje van de stoel
- Als u van mening verschilt met de gesprekspartner, blijf dan rustig en netjes (boos worden lost niets op)
- Wees niet te bang voor pauzes in het gesprek, u kunt best een paar seconden nadenken voordat u antwoord geeft
- Beantwoord vragen duidelijk en geef niet te lange antwoorden
- Probeer positief te antwoorden (dus niet beginnen met wat u niet heeft of kunt);
- Herhaal gemaakte afspraken
- Roddel nooit over zaken of personen uit uw vorige werk (ook al zijn uw ervaringen negatief)
LAAT MERKEN DAT U ER ZIN IN HEEFT OM BIJ DIT BEDRIJF AAN DE SLAG TE GAAN!
OPBOUW VAN EEN GESPREK
Een gesprek kent meestal 3 fasen:
- Introductie
Hierbij wordt meestal over het weer gesproken of wordt u gevraagd of u het gemakkelijk heeft kunnen vinden. Kortom, het gaat nergens over. Gesprekspartners doen dit vaak om iedereen even op zijn gemak te stellen. Maar het kan ook zijn dat men direct met het ‘echte’ gesprek begint. - Gesprek
Uw gesprekspartner wil erachter komen wie hij eventueel binnenhaalt.
Hij zal vragen stellen, situaties voorleggen en proberen u uit de tent te lokken. Hij moet zeker weten dat u de geschikte kandidaat bent. - Afronding
Mogelijk maken van afspraken. Het gesprek kan afgerond worden met “U hoort nog van ons”, tot het geven van een concrete aanbieding.
